Bij de jaarlijkse inspectie moet op de volgende punten worden gelet. Voor een voorbeeld van een inspectierapport in WORD zie bijgevoegd document.
De nummers komen overeen met de nummers van het inspectierapport. Voor de volledigheid lichten we een aantal inspectiepunten toe.
1. Opschriften
Dit betreft opschriften op de steiger zelf en geven informatie over onder andere de belastingklasse, de maximale hoogte, etc. Deze opschriften moeten bijvoorkeur op ooghoogte zijn aangebracht. Rolsteigers moeten in ieder geval de volgende opschriften bevatten:
1. De belastingklasse van gelijkmatig verdeelde belasting.
2. Maximale hoogte voor binnen- en buitengebruik.
3. Tevens treft u de naam van de fabrikant en "gebruikershandleiding zorgvuldig lezen" op de steiger aan.
2. Gebruikershandleiding met opbouwvoorschriften aanwezig
De fabrikant van rolsteigers behoort een gebruiksaanwijzing af te leveren in de taal van de gebruiker. Eveneens dient een gebruikershandleiding zo te zijn opgesteld dat het begrijpelijk is voor de gebruiker.
Voor rolsteigers zullen er in de gebruiksaanwijzing een aantal specifieke aanwijzingen zijn opgenomen zoals:
- het aantal personen dat nodig is voor opbouwen en afbreken van de steiger;
- eventueel benodigde hulpmiddelen;
- instructies voor de volgorde van opbouwen en afbreken;
- methode voor uitlijning (max. 1%) van de rolsteiger;
- aanwijzingen voor fysieke belasting en valgevaar;
- et cetera.
3. Functioneren, opbouwen
4. Rechtheid
5. Compleetheid
6. Afmetingen
7. Alle frame-onderdelen geïnspecteerd
8. Controle stabilisatoren
De stabiliteit van een (rol)steiger hangt voor een groot deel af van de hoogte van een (rol)steiger. NEN 2718 gaat uit van een hoogte van maximaal 12 meter bij binnengebruik en een maximale hoogte van 8 meter bij buitengebruik. Hoger opbouwen kan als er extra stabiliserende voorzieningen worden getroffen, raadpleeg altijd de gebruiksaanwijzing. Stabilisatoren, ook wel basisverbreders behoren meestal tot de standaarduitrusting van de rolsteiger. Stabilisatoren zijn er in verschillende uitvoeringen, meest gebruikt is de driehoeksstabilisator. Ook wordt gebruik gemaakt van ballast zoals staal of beton, of dit tot de mogelijkheden behoort leest u in de gebruiksaanwijzing. Met betrekking tot de inspectie dient u de stabilisatoren te controleren op rechtheid maar ook op volledigheid, zijn alle onderdelen aanwezig en de gangbaarheid van de onderdelen.
9. Controle op goede werking van wielen remwerking
10. Controle werkbordessen
11. Controle klimluiken
12. Controle leuningen, tussenleuningen en kantplanken
Vanaf 2,5 m hoogte moeten werkvloeren rondom zijn voorzien van randbeveiliging.
Met betrekking tot de randbeveiliging moet de bovenleuning op minstens 1 m hoogte (gemeten vanaf de werkvloer) worden aangebracht. Daarnaast moet onderop een kantplank van minstens 0,15 m hoogte worden aangebracht. Vervolgens is een tussenleuning nodig. Deze moet zo worden aangebracht dat er geen 'gaten' groter dan 0,47 m ontstaan, daar heeft u dus een goedgekeurde duimstok bij nodig.
Samengevat:
* bovenleuning, minimaal 1 m boven de werkvloer;
* onderop een kantplank. Van minimaal 0,15 m hoogte;
* en een tussenleuning, deze moet zodanig worden geplaatst dat er geen openingen groter dan 0,47 m ontstaan.
14. Ladders binnenzijde > 2,5 m
15. Als de sportafstand groter is dan 0,3 m van het verticale frame dienen ladders aanwezig te zijn.
Vaak worden rolsteigers via het verticale frame beklommen. Dit mag alleen als de sportafstand tussen 0,25 en 0,30 m is en de sporten antislip zijn uitgevoerd. Als dit het geval is mag men het verticale frame van een rolsteiger beklimmen, maar dan alleen vanuit de binnenkant. Is dit niet het geval dan moet gebruik worden gemaakt van ladders. Deze ladders moeten kunnen worden geborgd. Met betrekking tot de inspectie moeten we controleren of deze borging goed functioneert en controleren we eveneens de rechtheid, mate van speling, etc. van de ladder zoals aangegeven in rubriek inspectie klimmaterieel.
Auteur: Rene Bak en Richard Winter