/ Home / Risicovolle werkzaamheden en - ruimten / Risicovolle werkzaamheden / Veilig gebruik van klimmaterieel / Artikelen  

Niet vrijstaand klimmaterieel

Het draagbaar klimmaterieel moet zodanig worden geplaatst dat de afstand van de voet van het draagbaar klimmaterieel tot de muur ongeveer gelijk is aan een kwart van de gebruikslengte van het draagbare klimmaterieel; de opstelhoek is dan tussen de voorgeschreven 65° en 75°.

Het draagbaar klimmaterieel moet worden opgesteld tegen een stevig dragend vlak; nooit tegen een ruit, tegen ronde of smalle zuilen of tegen hoeken, tenzij voor dat doel aangepaste hulpmiddelen worden gebruikt.

Het draagbaar klimmaterieel moet ten minste één meter uitsteken boven de gewenste sta- of overstaphoogte.

Draagbaar klimmaterieel dat kan worden opgestoken moet zodanig worden geplaatst dat beklimming atleen mogelijk is aan de opgestoken zijde.

Bij opgestoken of uitgeschoven draagbaar klimmaterieel moet worden gecontroleerd of de haken goed over, dan wel onder de sport grijpen.

Het losse eind van de optreklijn moet, in de gebruiksstand van het draagbaar klimmaterieel, zijn vastgezet om ten minste 2 sporten, zo mogelijk loodrecht onder de optrekinrichting.



Auteur: Rene Bak, Hijs- en Hefconsult